In de nadagen van de Zesdaagse Oorlog van 1967 reizen drie jonge Palestijnen
voor het eerst in bijna twintig jaar terug naar hun geboorteplaats Ramle
(al-Ramla), ten westen van Jeruzalem. Hun families zijn daar tijdens de
Israëlische Onafhankelijkheidsoorlog uit hun huizen verdreven. Door
de nieuwe annexaties kunnen ze eindelijk de vroegere grens over.
Een van de Palestijnen treft in zijn oude huis een jonge joodse vrouw
aan die hem vriendelijk binnenlaat. De vrouw, Dalia Landau, heeft zich
nooit goed gerealiseerd dat er in haar huis eeuwenlang Arabische families
hebben gewoond. De Palestijn, Bashir, is van jongs af opgevoed met wraakgevoelens
ten opzichte van Israël. Hij ziet in de tuin de citroenboom die zijn
vader heeft geplant en merkt dat de meeste Israëlis het Palestijnse
verleden proberen te verdringen. De twee jonge mensen sluiten vriendschap,
maar worden door politieke ontwikkelingen uit elkaar gedreven. Bashir brengt
jaren door in Israëlische gevangenissen, verdacht van terroristische
activiteiten. Ten slotte verzoenen ze zich en in 1991 richten ze het Open
House op, een centrum voor wederzijds begrip, dat sindsdien vele duizenden
bezoekers trok.
Tolans hoogst oorspronkelijke en uitstekend gedocumenteerde boek brengt
zeventig jaar geschiedenis van het Midden-Oosten tot leven. Hij laat aan
de hand van één huis en twee bewoners zien dat er maar één
oplossing is voor het conflict: alles vertellen wat er is gebeurd en goed
naar elkaars verhalen luisteren.
Oorspr.titel: The Lemon Tree
Vertaling: M.de Boer
Extra informatie:
Ingenaaid: paperback,kaft slap, 320 pagina's
Verschenen: februari 2007
Gewicht: 471 gram
Formaat: 215 x 140 x 30 mm
J.M. Meulenhoff

|
 Lees de achterkant |
Tolan, S., De citroenboom Prijs Euro 24.95
|
Bij u in huis op: donderdag
|
Toon
rubrieken